Nog even doortrappen. De kuiten branden, langzaam wordt de pijn ondragelijk. Het asfalt voor hem lijkt langzaam te veranderen in een brede sloot van teer. Zijn banden worden er in weggezogen. Staand op de pedalen, zittend in het zadel, doorgaan, doorgaan, klinkt in zijn hoofd.
Een wielrenner in de bergen gaat over pieken en komt door dalen. Hetzelfde gevoel heb je in het leven. Mijn ontdekkingstocht naar werk, als een bergetappe in de Tour de France. Altijd alert, overal rekening mee houdend, de volle overgave en de pieken en dalen.
De hoop, als een zaadje in de grond dat opbloeit in de zwarte aarde. Dag na dag een beetje water een beetje mest. Een haagje als bescherming tegen de felle westenwind. Koesterend dag in dag uit. Iedere morgen bij dag en dauw, voorzichtig glurend door de beslagen ramen, hoe staat het erbij?
De ontgoocheling, als het wakker worden na een feest waar je net even te veel gedronken hebt. Had ik maar… en had ik maar niet… Waar ging het mis en waarom. Waarom? Kan ik het nog wel en hoe nu verder…
De verbetenheid, als de terriër aan de broekspijp van de postbode. Doorbijtend en vasthouden aan de gekozen weg. Steeds opnieuw vastgrijpen aan die kans die voorbij komt. Wetend dat er een dag komt dat het zal lukken. Keer op keer jezelf uitvinden en het opnieuw proberen, vandaag gaat het lukken.
De vermoeidheid, als het wegzakken in drijfzand. De steeds zwaarder wordende armen en benen. Het hoofd zwaar en vermoeid, vol met gedachten en leeg van ideeën. Steeds maar willen slapen en weten dat het nu niet het juiste moment is. Maar wanneer dan, ik wil rusten, dagen lang.
De zege, als het gevoel dat je weet dat je er komt en je toch nog verrast als het er is.
De renner die wint, heeft na de etappe het minst last van de pijn en herstelt het snelst. Het was zwaar maar de winner herinnert zich het moment van demarrage eerder dan de pijn die hij leed. Winnen is als doping, maar dan eentje die niet voorkomt op de dopinglijst van het UCI.
“Please pay attention to the numbers, the results have to go to your manager within 15 minutes,” says a computerized voice from his desktop. “If the rain is bothering you, I can play some music. Close the window and rebook your cottage.” “What?” Dave still isn’t used to this new computer system, it knows too much.
Will it work? Will the computer be trusted enough by the other board members to get a real vote? The computer can access and evaluate far more data than any human being ever could do. Comparing all this data and calculating the most relevant answer is one step. To make the computers boardroom vote count, the other (human) board members should really understand how the computer came to its conclusion. In which way computers can convince humans? Partly, humans will trust computers more and more as their lives become depended on computer systems all along. Additionally, for the more complex and high risks decisions as in a boardroom, computer should be taught to present their results in a way that humans perceive their surroundings.
Onder dwang veranderen levert best wel resultaten op. Het artikel over de
Langzaam voelt hij de druppel van zijn gezicht glijden. De druppel vervolgt het spoor van zijn halsplooi. Wipt over zijn schouder heen en begint de lange tocht naar beneden. De rilling loopt over zijn rug en dat ondanks de hitte. Wat is het warm deze week. De hele dag zit hij al te zweten.
Er stevig ingaan, erkent de boosheid. Met net iets minder emoties dan de ander voelt het niet bedreigend, maar als begrip. Als die erkenning van de boosheid er eenmaal is, kun je iemand meenemen naar het ‘normale’ communicatie niveau. Hoewel dit heel gespeeld klinkt, is dat nou net niet de bedoeling. De emotie moet echt zijn. Je moet je eigen emoties toelaten en de ruimte geven, maar ook professioneel weten waar de grens is. Dat vergt oefening. Dan is het leuk dat het bij kinderen ook werkt. Thuis, in de veilige omgeving oefenen is veel makkelijker. Als je dan resultaten boekt, snijdt het mes aan twee kanten.